Kleuterschool | Lagere school | Secundaire school
Secundair onderwijs

Kleuterschool

Lagere school

Secundaire school
Onze school: Studiereglement
Laatste aanpassing:
In dit deel
Persoonlijke documenten (agenda, ...)
Evaluatie
Voorziene oudercontacten
Het register
De proefwerken
Het perioderapport
In dit deel
In dit deel
Persoonlijke documenten
Schoolagenda
De schoolagenda wordt iedere les op aanwijzing van de leraar ingevuld en ordelijk bijgehouden.  Een gewone verwijzing naar een leerboek volstaat niet. De schoolagenda wordt regelmatig door de klastitularis nagekeken. Hij wordt wekelijks door de ouders ondertekend.

Notities
Op aanwijzing van de leraar worden door elke leerling voor elk vak notities bijgehouden.  De leerling is verplicht voor elk vak van die dag de notities steeds ter beschikking van de inspectie te houden.  De vakleraar zal de notities geregeld op hun volledigheid nakijken.

Persoonlijk werk
De opgelegde taken en oefeningen worden zorgvuldig gemaakt en op de afgesproken dag afgegeven. Na één dag of enkele dagen afwezigheid wordt een huistaak, een belangrijke toets of een proefwerk in principe altijd  ingehaald. Van dit principe kan enkel afgeweken worden, in samenspraak met de leerlingenbegeleiding, na overleg met de klassenraad. Elke leerling bundelt zijn/haar evaluaties in een register.

De leerlingen zijn verplicht volgende documenten bij te houden: schoolagenda, schriften, register met huistaken, toetsen en andere opdrachten, en dit van het lopend en het voorgaand schooljaar. Zij moeten ze op schriftelijke vraag van de directie kunnen voorleggen.

Evaluatie
Een belangrijk onderdeel van het leer- en leefproces op school is de evaluatie: elke leerkracht beoordeelt geregeld in welke mate de leerling kenniselementen en vaardigheden verworven heeft. Tegelijkertijd willen we onze leerlingen ook stimuleren tot een efficiënte studiemethode, een correcte sociale omgang, verantwoordelijkheidszin bij schoolactiviteiten en aandacht voor een gezonde, veilige en aangename schoolomgeving.

De leerlingen worden via overhoringen, toetsen, taken en opdrachten geëvalueerd. In elke les kan een leraar de leerlingen individueel of klassikaal onaangekondigd overhoren over de leerstofonderdelen van de vorige les.  Overhoringen over grotere leerstofdelen worden voorafgaandelijk aangekondigd. Ook attitudes en gedrag worden in de evaluatie opgenomen. Geregeld worden de ouders via het rapport op de hoogte gebracht van de resultaten van hun dochter/zoon.  Dit rapport wordt ondertekend terugbezorgd bij de titularis. Uitslagen worden uitsluitend aan de wettige ouders of aan de personen die de wettelijke ouderlijke macht uitoefenen, meegedeeld.  De bespreking van de uitslagen kan ook uitsluitend met die personen gebeuren. Bij de eindbeoordeling in juni wordt rekening gehouden met de uitslagen, de studie-inzet en de leef- en leerhouding van de leerling. De eindbeoordeling is dus niet louter het resultaat van het optellen van de behaalde punten. De klassenraad oordeelt of een leerling de gestelde einddoelen bereikt en voldoende voorbereid is voor het volgende jaar. De eindtermen zijn een wettelijk onderdeel van deze einddoelen.

Leerlingen met een leerstoornis-attest krijgen in het begin van het schooljaar een lijst met gepersonaliseerde tegemoetkomende maatregelen die gelden voor elke evaluatie. De lijst met maatregelen wordt opgesteld door de klassenraad in overleg met het CLB en de ouders. Hij geldt in principe voor het lopende schooljaar.

De ouders worden geregeld uitgenodigd op school om samen met de directie en de leerkrachten de vorderingen van hun dochter/zoon te bespreken.  Het spreekt vanzelf dat steeds afspraken met de directie of een leerkracht kunnen gemaakt worden.

Voorziene oudercontacten:
oktober
bij de rapporten van het eerste trimester
begin tweede trimester
begin derde trimester
einde juni

Het register
Voor elk vak bundelt de leerling alle evaluatie-elementen in een register.  Het register vermeldt datum, onderwerp en resultaat van elke evaluatie; op die manier kunnen de ouders de schoolresultaten op de voet volgen. Bij taalvakken worden om didactische redenen de 4 vaardigheden -luisteren, lezen, schrijven en spreken- extra ingeoefend, geëvalueerd en apart genoteerd. De leerling heeft het register altijd bij zich en is zelf verantwoordelijk voor het ordelijk bijhouden ervan. De leerkracht controleert op volledigheid, de ouders tekenen dit register voor kennisneming.


De proefwerken
De proefwerken evalueren de verwerking van grotere leerstofgehelen. Voor muzikale, plastische, lichamelijke opvoeding en wetenschappelijk tekenen worden er geen proefwerken georganiseerd: de resultaten van deze vakken zijn gebaseerd op het dagelijks werk. Ook het vak esthetica in de 3de graad wordt gedeeltelijk permanent geëvalueerd. De taalvaardigheden worden permanent geëvalueerd, dit wil zeggen tot en met de examenperiode.
 
De eerste graad heeft elk trimester een volledige proefwerkreeks. Om pedagogische redenen organiseren we voor het eerste jaar een deelexamen wiskunde voor de herfstvakantie. Voor de 2de graad organiseren we in het 2de trimester een kortere reeks van enkele examens. In de 3de graad geldt het 2 semester-systeem.

Het examenrooster wordt schriftelijk aan de leerlingen meegedeeld met de vraag het zorgvuldig in de schoolagenda te noteren.  Voor de duur van de examenperiode worden vaste plaatsen aangeduid.  Tijdens die periode zijn de leerlingen in de school ten laatste 5 minuten voor de aanvang van de proef.  De verdere regeling wordt telkens in een afzonderlijk schrijven meegedeeld.

Leerlingen moeten het nodige gerei bij zich hebben, iets lenen is niet toegelaten.  Alle bladen, ook het kladpapier, worden afgegeven, voorzien van naam, klas en datum. Bij bedrog of poging tot bedrog worden voor die proef geen punten toegekend.  Andere sancties zijn niet uitgesloten.

Voor elke afwezigheid is een doktersattest vereist.  Bij een overlijden kan slechts een afwezigheid toegestaan worden voor een familielid tot de tweede graad (vader, moeder, broer, zuster, grootvader, grootmoeder). Een overlijdensbericht dient te worden voorgelegd. De directie bepaalt in samenspraak met de betrokken leerkrachten of een vervangende proef wordt georganiseerd. Om de leerlingen gelijk te behandelen, mogen zij die tijdens de examens 1 dag afwezig zijn, de volgende dag niet deelnemen aan het examen (uitgezonderd na een weekend).  Na 2 of meerdere dagen afwezigheid neemt de leerling onmiddellijk weer deel aan de reeks.

Bij bedrog of poging tot bedrog zullen de leerling en zijn/haar ouders steeds gehoord worden. Jullie verklaringen en die van de leerkracht met toezicht worden genoteerd en overgemaakt aan de klassenraad. In principe wordt een nulquotering toegekend: we veronderstellen dat je gefraudeerd hebt omdat je de leerstof niet kende. De klassenraad kan ook aan de directie vragen om een tuchtprocedure op te starten die kan leiden tot een tijdelijke of definitieve uitsluiting.

Het perioderapport (4 à 5 keer per jaar)
Het perioderapport geeft een globaal cijfer per vak in %. Dit cijfer geeft de stand van zaken weer en is de resultante van alle evaluatiemomenten, die u terugvindt in het register.
De attitudevorming (leer- en leefhouding) kan in een toegevoegde positieve of negatieve opmerking omschreven worden per vak of globaal. Herhaalde negatieve opmerkingen kunnen aanleiding geven tot o.a. een werk- of strafstudie op woensdagnamiddag, of een contract voor leef- of  leerhouding. De strafstudie sanctioneert een ernstige, negatieve attitude. In de werkstudie kan de leerling een inhaalbeweging maken bv. schoolagenda of notities in orde te brengen.
 

Het syntheserapport
Na de proefwerken, op het einde van elk trimester/semester, krijgt de leerling een syntheserapport met de volgende puntenverhouding:

  taken en toetsen
tijdens het schooljaar
proefwerken totaal
1ste graad 50 50 100
2de graad 40 60 100
3de graad 30 70 100

In de 3de graad worden kennis en vaardigheden dus voor alle vakken, ook voor de moderne talen, geïntegreerd geëvalueerd, en gerapporteerd in de hierboven genoteerde verhouding.

Om de vorderingen van de leerling zo efficiënt mogelijk te kunnen volgen, worden in de 1ste en 2de graad de vaardigheden en kennis voor Nederlands, Frans en Engels afzonderlijk gerapporteerd, in de volgende verhouding:

  Vaardigheden Kennis Totaal
  schooljaar
 en
proefwerk
taken en toetsen
schooljaar
proefwerk  
Ned. 1ste jaar - Frans 1ste gr Engels 2de jaar 50 20 30 100
Ned. 2de jaar
Ned.-Engels-Frans 2de gr
60 10 30 100

Delibererende klassenraad
De waarschuwing 
Met een waarschuwing bedoelt de delibererende klassenraad dat er een grondige twijfel bestaat of de leerling een voldoende basis heeft opgebouwd voor het betrokken vak om met kans op succes het hoger jaar te volgen. Het voordeel van de twijfel heeft de delibererende klassenraad geleid tot de uitspraak van een attest waaruit blijkt dat de leerling het jaar met vrucht beëindigt. Indien de leerling in de loop van het volgende schooljaar voor het betrokken vak niet bewijst dat hij over voldoende basis beschikt om een hoger jaar met kans op succes aan te vatten, zal de delibererende klassenraad hem een attest toekennen dat op zijn minst het hoger jaar in dezelfde studierichting uitsluit. Deze waarschuwing geldt uitsluitend voor de vermelde vakken. Een leerling met waarschuwing krijgt in het volgende schooljaar voor het betreffende vak een aanbod van extra opvolging via studiebegeleiding.

Betwisting van de genomen beslissing 
Net als bij een definitieve uitsluiting, kunnen ouders de beslissing van de delibererende klassenraad op het einde van het schooljaar betwisten. Ze kunnen beroep aantekenen bij de voorzitter van de beroepscommissie. Uiterlijk op de derde werkdag na de bekendmaking van de uitslag kunnen zij hun bezwaren kenbaar maken in een persoonlijk onderhoud met de voorzitter van de delibererende klassenraad, Dhr. S. Bernaerts, of afgevaardigde. Indien de voorzitter van oordeel is dat de redenen die de ouders bij hun betwisting aandragen, het overwegen waard zijn, roept hij zo spoedig mogelijk de delibererende klassenraad opnieuw samen; de betwiste beslissing wordt opnieuw overwogen. Blijft de betwisting bestaan, dan kan uiterlijk vijf werkdagen daarna (hetzij na het persoonlijk onderhoud, hetzij na de nieuwe bijeenkomst van de delibererende klassenraad), schriftelijk beroep aangetekend worden bij de voorzitter van de interne beroepscommissie,
Dhr. Guido Bresseleers, Geelhandlaan 57, 2540 Hove
guido.bresseleers@telenet.be.

Deze beroepscommissie onderzoekt de klacht grondig en deelt het resultaat mee aan de Inrichtende Macht. De Inrichtende Macht beslist op grond van het door de beroepscommissie uitgevoerde onderzoek of de delibererende klassenraad wel of niet opnieuw moet samenkomen. Indien de delibererende klassenraad niet opnieuw moet samenkomen, deelt de Inrichtende Macht deze beslissing schriftelijk aan de ouders mee en motiveert ze. Indien de delibererende klassenraad wel opnieuw moet samenkomen, gebeurt dit uiterlijk op 20 september van het volgend schooljaar. De Inrichtende Macht deelt de beslissing van de delibererende klassenraad onmiddellijk schriftelijk aan de ouders mee en motiveert ze.
Maar hopelijk komt het allemaal zover niet en kunnen jij en je ouders best tevreden zijn met je resultaten...

Wij wensen je in elk geval heel veel succes dit schooljaar!
Studiebegeleiding
De overgang van de lagere school naar het middelbaar onderwijs betekent voor de meeste leerlingen een grote stap in hun studieloopbaan.

Naarmate de leerling vordert in het secundair onderwijs wordt de noodzaak om efficiënt te studeren steeds duidelijker.  Vaak heeft men dan reeds een verkeerde gewoonte aangenomen.  Daarom willen wij op onze school vanaf het eerste jaar aandacht schenken aan een goede studiemethode.

Klassikale studiebegeleiding
In het eerste jaar wordt, tijdens de maand september, gedurende een 6-tal lessen gewerkt rond ‘leren leren’. Daarin wordt een studiemethode aangeleerd. Vervolgens wordt de aangeleerde methode in alle vakken geïntegreerd. In de volgende jaren verwijzen we regelmatig opnieuw naar deze methode.

Individuele studiebegeleiding
Voor gemotiveerde leerlingen met een concreet studieprobleem kan studiebegeleiding georganiseerd worden gedurende een korte periode. In een beperkt aantal lesjes werken we rond een specifiek probleem (planning, orde, schematiseren, ...).

Een aanvraag kan ingediend worden via S. Bernaerts (pedagogisch directeur), het leerlingensecretariaat, de klastitularis, de vakleerkracht of het CLB. Deze aanvraag komt terecht bij de verantwoordelijken van de werkgroep ‘leren leren”. De ouders krijgen van hen verder bericht.

Individuele begeleiding van de leerlingen met een waarschuwing
Leerlingen die het vorige schooljaar een waarschuwing kregen voor een bepaald vak, worden begeleid door een mentor die de studieresultaten opvolgt en de leerling, indien nodig, stimuleert tot betere inzet.

Begeleiding van de leerlingen met een leerstoornis
Leerlingen met een leerstoornis (attest vereist!) krijgen op school ondersteunende maatregelen, aangepast aan elke leerling. Deze worden vastgelegd door de klassenraad en in een persoonlijke brief aan de ouders meegedeeld. De maatregelen staan vermeld op een geïndividualiseerde leerstoorniskaart.

Bijbeenlessen
Leerlingen die lange tijd afwezig geweest zijn, kunnen de gemiste leerstof bijbenen op school, voor en na de lessen.

Deze lessen worden gegeven door de vakleerkrachten van de eigen graad. Een aanvraag gebeurt meestal door de leerling of de ouders via het leerlingensecretariaat, titularis of vakleerkracht.

Inhaaltoetsen
In principe worden gemiste toetsen ingehaald. Dit gebeurt in afspraak met de vakleerkracht. Inhaaltoetsen gaan door op dinsdag en donderdag van 15.30 u tot 16.20 u. De vakleerkracht noteert in de agenda het tijdstip en het onderwerp. De ouders handtekenen dit bericht voor kennisname.

Avondstudie
In het begin van het schooljaar kunnen de leerlingen inschrijven voor de avondstudie die doorgaat op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 15.30 u tot 16.20 u. Onder toezicht werken de leerlingen aan hun schooltaken. In de loop van het schooljaar is in- of uitschrijven mogelijk via het leerlingensecretariaat.

Delibererende klassenraad
De delibererende klassenraad bestaat uit alle leerkrachten die les geven in de betrokken klas.  De pedagogisch directeur zit deze raad voor.  Het CLB en de interne begeleidingsdienst zijn eveneens aanwezig. De beslissingen worden genomen door de raad van de leerkrachten en de voorzitter.
 
De deliberatie is geheim, alleen de besluiten worden meegedeeld.  Ouders die de uitspraak betwisten, kunnen uiterlijk de derde dag na het bekendmaken van de uitslag hun bezwaren kenbaar maken bij de voorzitter van de interne beroepscommissie. Deze procedure wordt verder toegelicht.


Verklaring van de attesten

A-attest = de leerling slaagt met vrucht.
Op het einde van elk leerjaar in de eerste en in
de tweede graad van het secundair onderwijs, indien
hij bekwaam wordt geacht zijn studies verder te
zetten in een hoger leerjaar.
Op het einde van het eerste leerjaar in de derde
graad van het secundair onderwijs (vijfde jaar),
indien hij bekwaam wordt geacht zijn studies verder
te zetten in het tweede leerjaar van de derde
graad (zesde jaar) van dezelfde onderwijsvorm en
dezelfde studierichting.
Op het einde van het tweede leerjaar van de derde
graad (zesde jaar) van het secundair onderwijs,
indien hij bekwaam wordt geacht zijn studies verder
te zetten in tenminste één van de vormen van
hoger onderwijs met volledig leerplan en indien hij
voldaan heeft voor het geheel van de vorming van
het laatste jaar.

B-attest = de leerling slaagt met vrucht, doch met
een beperking.
De leerling mag worden toegelaten tot een hoger
leerjaar, behalve in de onderwijsvorm(en) en/of de
studierichting(en), basisoptie(s) waarvoor hij
geclausuleerd is.

C-attest = de leerling slaagt niet met vrucht.
Wanneer de globale uitslag geen garantie biedt om
een hoger leerjaar met vrucht te doorlopen. Wie niet
met vrucht slaagt, moet het jaar overdoen.

Advies
Een geschreven advies zal door de delibererende klassenraad aan een B en C-attest  worden toegevoegd in een afzonderlijk schrijven of in het rapport. Bij een A-attest kan eveneens een advies gevoegd worden. De adviezen zijn niet bindend, maar geven wel een ernstige aanduiding. Ze worden dus best opgevolgd.

Uitstel van de beslissing (bijkomende proef)
Indien de delibererende klassenraad van oordeel is dat de leerling een bijkomende proef moet afleggen, wordt dit oordeel met redenen omkleed. Deze redenen steunen op één of meerdere van de volgende criteria:

De leerling moet in principe aan alle examens
deelnemen.
In de eerste en de tweede graad moet de leerling
minimaal 2 examens voor elk vak van het betrokken
schooljaar hebben afgelegd. Ook al heeft de leerling
van de eerste of tweede graad al 2 examens afgelegd,
beslist de directie in samenspraak met de betrokken
leerkrachten, of bij afwezigheid op een examen, de
leerling een inhaalexamen moet afleggen.
In de derde graad moet de leerling in principe voor elk
vak elke reeks van het betrokken schooljaar volledig
afleggen. De directie beslist, in samenspraak met de
betrokken leerkrachten, of bij afwezigheid op een
examen, de leerling een inhaalexamen moet afleggen.
Persoonlijke gezondheidsredenen die een abnormaal
lange afwezigheid hebben veroorzaakt of die het
normale volgen van de lessen over een lange periode
hebben verhinderd.
Persoonlijke omstandigheden die een abnormaal lange
afwezigheid hebben veroorzaakt of die het normale
volgen van de lessen over een lange periode hebben
verhinderd.
In het 2de leerjaar van de 3de graad overweegt de
klassenraad ook of de leerling voldaan heeft voor het
geheel van de vorming secundair onderwijs
(retrospectief aspect). Bij twijfel aangaande het
bereiken van een belangrijke eindterm voor een vak,
kan men de betreffende leerling een persoonlijke extra
studie-inspanning vragen en hem/haar via een
bijkomende proef het bewijs laten leveren dat hij de
noodzakelijke kennis/vaardigheid ivm een bepaald
leerstof-onderdeel toch nog verworven heeft.
Elke uitzonderlijke reden die voor de delibererende
klassenraad voldoende ernstig is om een bijkomende
proef op te leggen om te oordelen of de leerling voor
dat vak het hoger jaar met kans op succes kan
aanvatten.

In principe wordt de eindbeslissing genomen op 30 juni. Indien een bijkomende proef wordt opgelegd, kan deze uitsluitend op de vastgestelde en vooraf aangekondigde data afgelegd worden. De redenen van de bijkomende proef worden schriftelijk aan de ouders en de leerling bij de eindbeslissing meegedeeld.

De vakantietaak
Bij toekenning van een A- of B-attest kan de delibererende klassenraad van oordeel zijn dat een leerling best een onderdeel van de leerstof van een of ander vak nog gedurende de vakantie zou uitdiepen of op peil houden met een vakantietaak.  Deze taak wordt gezien als een studiehulp. Vandaar dat de klassenraad verwacht dat de leerling met vakantietaak in juli en augustus voldoende regelmatig de betreffende vaardigheden/kennis inoefent. Het resultaat (voldoende/onvoldoende) wordt dan ook besproken met de leerling bij het begin van het nieuwe schooljaar.

De kwaliteit van de taak en de ernst waarmee ze werd uitgevoerd zijn uiteraard een belangrijk element in de extra-begeleiding en de deliberatie van het daaropvolgend schooljaar.

In bepaalde gevallen kan de delibererende klassenraad van juni stellen dat een leerling bij een onvoldoende resultaat voor de vakantietaak einde augustus een waarschuwing krijgt voor het betreffende vak.
<< >>
© Regina Pacis Hove
Kleuterschool | Lagere school | Secundaire school

Best te bekijken met MSIE bij een schermresolutie van 1024x768.
Opmerkingen/tips kunnen gemeld worden met het formulier op deze pagina.